Je begint je dag met een korte afstemming met je collega’s. Zijn er storingen geweest? Welke onderhoudswerkzaamheden staan gepland? En waar liggen vandaag de prioriteiten? Daarna ga je de werkvloer op, waar jij zorgt dat machines veilig en betrouwbaar blijven draaien.
De ene keer voer je elektrotechnische reparaties uit aan een machine die stilgevallen is, de andere keer ben je bezig met mechanisch, pneumatisch of hydraulisch onderhoud. Je onderzoekt wat er aan de hand is, leest schema’s of programma’s uit en zorgt ervoor dat de machine zo snel mogelijk weer goed werkt. Ook PLC-programma’s kunnen voorbijkomen; jij weet hoe je deze leest en waar nodig aanpast.
Naast het oplossen van storingen werk je veel preventief. Je denkt mee over het onderhoudssysteem, kijkt hoe onderhoud slimmer gepland kan worden en helpt storingen in de toekomst te voorkomen. Daarbij werk je volgens het TPM-concept en de principes van Lean Manufacturing. Je doet ook aanvragen voor klein materieel, gereedschappen en onderdelen die nodig zijn voor de werkplaats of groot onderhoud. Zo zorg jij er samen met je collega’s voor dat de technische dienst goed voorbereid blijft.
Soms draai je mee in de storingsdienst. Dat vraagt om flexibiliteit en verantwoordelijkheid, maar juist daarin kun jij laten zien dat je rustig blijft, snel schakelt en technische problemen praktisch oplost.